Ray en Dave Davies praten weer met elkaar. Maar brengt dat een reünie van The Kinks dichterbij? Kees-Jan Visser duikt in de broederstrijd achter de band en kiest liever voor de magische tweede helft van de jaren zestig.
Toen de broers Davies nog gewoon een haat-liefdeverhouding hadden en rollebollend onweerstaanbare nummers als Sunny Afternoon, Waterloo Sunset, Days en Lola de wereld instuurden
De broers Ray (82) en Dave Davies (79) praten weer met elkaar. Goed, het gaat over voetbal en andere koetjes en kalfjes, en niet over muziek. Dus of we The Kinks nog samen live op het podium terug gaan zien is nog even de vraag. Het is ook de vraag of we dat nu nog moeten willen.
The Kinks beleven hun creatieve gloriedagen gelijktijdig met hun landgenoten die The Beatles en The Rolling Stones vormen: tussen ‘64 en begin jaren ‘70. Met hun derde single scoren ze hun eerste nummer 1-hit in Engeland: You Really Got Me. Met het iconische, verscheurde gitaargeluid van Dave Davies, dat geldt als de latere blauwdruk voor het hardrockriff.
Er volgt een reeks albums die rechtstreeks een permanent plaatsje in de popgeschiedenis verdient. Met de composities van voornamelijk Ray. Sterke popliedjes met maatschappijkritische, melancholische en vaak ironische teksten.
Vertolkt door Ray, begeleid door de gitaar en hoge tweede stem van Dave. Zeer succesvol, maar niet zo hysterisch populair als hun eerdergenoemde landgenoten. Zijn de nummers minder goed? Te typical British? Of zat de concertban van vier jaar in de VS vanwege het niet nakomen van afspraken en wangedrag op het podium in de weg? Memorabel ‘hoogtepunt’: drummer Mick Avory die Dave bewusteloos slaat met een cymbaal tijdens een ruzie op het podium.
Misschien was het ook beter, want als ze na een aantal, laten we het houden op ‘interessante’, conceptalbums de jaren ‘80 ingaan met meer Amerikaans klinkende stadionrock maakt de Britse magie plaats voor Amerikaanse niksigheid.
Tegelijkertijd lopen de spanningen tussen de broers dermate op dat ze vanaf ‘84 weigeren om nog het podium te delen. Er volgen in de decennia erna nog wel enkele korte muzikale herenigingen, maar het blijft moeizaam en levert geen memorabele muziek meer op.
The Kinks staan in de negentiger jaren in nieuwe belangstelling, doordat ze worden genoemd als belangrijke inspiratiebron voor Britpopbands als Blur en Oasis. Toevallig (of juist niet: iets met wrijving en glans) is die laatste ook zo’n band rond twee broers die elkaars bloed zo nu en dan wel kunnen drinken. Die elkaar zoveel mogelijk mijden en op en achter het podium soms, net als de broeders Davies, daadwerkelijk op de vuist gaan.
De broers Gallagher stappen over die ijzigheden heen en gaven een uiterst lucratieve concertreeks. Of het met de broeders Davies ook nog zover gaat komen? Misschien wel, maar of de grote Kinks-liefhebber daar met smart op zit te wachten?
Deze niet echt. Hij neemt liever nog maar eens een duik in de magische tweede helft van de sixties. Toen de broers Davies nog gewoon een haat-liefdeverhouding hadden en rollebollend onweerstaanbare nummers als Sunny Afternoon, Waterloo Sunset, Days en Lola de wereld instuurden. En, geen commercieel succes, maar een hoogtepunt uit de Britse popmuziek: het album The Village Green Preservation Society.